Richtlijnen
medTzorg ontwikkelt eigen richtlijnen voor onze artsen in justitiële instellingen en instellingen die vallen onder de Wet langdurige zorg (Wlz-instellingen). In deze werkomgevingen kunnen unieke situaties voorkomen waarvoor vaak geen standaardprotocollen beschikbaar zijn. Onze richtlijnen bieden de benodigde ondersteuning in het dagelijkse werk met deze bijzondere doelgroepen.
Onze richtlijnen worden samengesteld op basis van vragen en opmerkingen uit het werkveld die we van onze zorgprofessionals ontvangen. We zorgen ervoor dat deze richtlijnen regelmatig worden herzien, zodat ze altijd actueel blijven.
medTzorg richtlijnen
Verslaving
Arbeid en ziekte in de justitiële inrichting
Minderjarigen in gesloten setting
Lijkschouw
Klinische lessen in de PI’s
Contrabande / bollen slikken
Clozapine- en lithiumgebruikers
Bloedafname voor politie en justitie (afname in het kader van middelengebruik en prik-spat- of bijtincident)
Isolatie en vrijheidsbeperkingen
Instuurcriteria Justitieel Centrum voor Somatische Zorg
Overdracht PI – Straatdokters
Nazorg na gebruik stroomstootwapen (taser)
Heb je vragen, suggesties of verbeterpunten?
Jouw feedback is waardevol en kan de volgende versie van onze richtlijnen nog beter maken. Suggesties, verbeterpunten en complimenten kun je sturen naar het Expertisecentrum, via richtlijnen@medtzorg.nl.
Disclaimer
Disclaimer richtlijnen medTzorg
In de medTzorg richtlijnen staan aanbevelingen voor de dagelijkse praktijk en achtergrondinformatie. Ze zijn aanvullend op de NHG-Standaarden en NHG-richtlijnen voor huisartsen. In de medTzorg richtlijnen ligt de focus op de rol van de huisarts in een gesloten setting, waarbij rekening wordt gehouden met de specifieke omstandigheden van deze setting. De patiënt staat, net als in de NHG-richtlijnen ook centraal.
De setting is niet altijd vergelijkbaar met de niet-gesloten setting. Daarom is het bijvoorbeeld niet altijd mogelijk om samen met de patiënt beslissingen te nemen en rekening te houden met de wensen en voorkeuren van de patiënt. Beredeneerd afwijken van een richtlijn is altijd mogelijk en soms zelfs noodzakelijk. De richtlijnen dienen als houvast en zijn bedoeld om de individuele huisarts te ondersteunen. Het persoonlijk inzicht van de huisarts blijft belangrijk, net zoals bij NHG-richtlijnen het geval is.
De medTzorg richtlijnen zijn monodisciplinair, maar houden rekening met samenwerking binnen de muren van de gesloten setting. Hoewel de richtlijnen aanbevelingen voor huisartsen bevatten, betekent dit niet dat de huisarts alle genoemde taken persoonlijk moet uitvoeren. Sommige taken kunnen worden gedelegeerd aan bijvoorbeeld assistenten of verpleegkundigen, afhankelijk van de lokale situatie.
medTzorg doet zijn uiterste best om ervoor te zorgen dat alle inhoud (teksten, afbeeldingen, hyperlinks etc.) actueel en correct is. Ondanks deze zorgvuldigheid kan de inhoud onvolledig of onjuist zijn.
Het copyright berust bij medTzorg. De richtlijnen mogen voor eigen gebruik gedownload en geciteerd worden, maar het is niet toegestaan om zonder voorafgaande toestemming gepubliceerde bestanden of delen daarvan over te nemen en te publiceren of anderszins openbaar te maken of te verveelvoudigen.
Juridische status van richtlijnen
Richtlijnen bevatten geen wettelijke voorschriften, maar aanbevelingen die zo veel mogelijk op bewijs en consensus gebaseerd zijn. Huisartsen kunnen deze aanbevelingen volgen om kwalitatief goede zorg te verlenen. Omdat deze aanbevelingen zijn gebaseerd op algemeen bewijs voor optimale zorg en de inzichten van de schrijvers en werkgroepen, kunnen zorgverleners op basis van hun professionele autonomie zo nodig in individuele gevallen afwijken van de richtlijn. Afwijken van richtlijnen is zelfs noodzakelijk als de situatie van de patiënt dat vereist. Wanneer huisartsen van deze richtlijn afwijken, wordt aanbevolen om dit beargumenteerd en gedocumenteerd te doen, en waar relevant in overleg met de patiënt.
Download de disclaimer hier.
Veelgestelde vragen:
Briefjes en verklaringen
Mag ik een geneeskundige verklaring verstrekken?
Nee,
Een arts mag conform de regels van de KNMG niet verklaren over geschiktheid of ongeschiktheid van zijn patiënt. Hierop wordt door de tuchtrechter streng gehandhaafd. medTzorg hecht eraan dat de regels van de KNMG t.a.v. medische verklaringen en contact met politie/justitie worden gevolgd.
Mag ik een fit to fly verklaring ondertekenen?
Nee,
Een arts mag conform de regels van KNMG niet verklaren over geschiktheid of ongeschiktheid van zijn patiënt om te vliegen.
Zie voor toelichting onderstaande uitwerking inclusief het standpunt van medTzorg.
Dit geldt ook bijvoorbeeld voor de uitzetting van asielzoekers, waarmee een behandelrelatie bestaat (planbare-zorg-arts of diens plaatsvervanger als ANW-arts). Bij de uitzetting van asielzoekers dient hiervoor een onafhankelijke ‘fit-to-fly arts’ geraadpleegd te worden, die geen behandel relatie met de betrokkene heeft.
Mag ik een verklaring afgeven over arbeids(on)geschiktheid?
Nee,
Een arts mag conform de regels van de KNMG niet verklaren over geschiktheid of ongeschiktheid van zijn patiënt. Zo’n verklaring moet van een onafhankelijke arts komen die geen behandel relatie met de patiënt heeft.
Mag ik (zonder toestemming) medische informatie delen over mijn patiënt met politie/ justitie?
Nee
Een arts mag conform de regels van de KNMG geen informatie delen met wetshandhavers. Beroepsgeheim gaat boven het opsporingsbelang van politie/justitie. Waarheidsvinding is geen reden voor het doorbreken van het beroepsgeheim; niet tijdens politieonderzoek en ook niet tijdens een rechtszitting. Zelfs als de patiënt toestemming geeft voor het verstrekken van gegevens, moet de arts afwegen of hij/ zij hiermee wel handelt in het belang van de patiënt! Op deze regel zijn enkele uitzonderingen.
- In de wet is vastgelegd dat het beroepsgeheim wel geschonden moet worden als er verdenking op kindermishandeling bestaat. Het (aannemelijk) belang van het kind wordt daarbij boven dat van de ouders gesteld.
- Ook bij het melden van een niet-natuurlijke dood of verdachte omstandigheden rondom het overlijden mag het beroepsgeheim geschonden worden.
- De laatste uitzondering is het zogeheten “conflict van plichten” dat wil zeggen je kunt ernstig gevaar voor iemand anders afwenden door wél te spreken en er is geen enkele andere manier dan het doorbreken van het beroepsgeheim om dit doel te bereiken.
Hoe ga ik om met een mondelinge/schriftelijke overdracht?
Regelmatig krijgen we bij medTzorg van onze artsen en instellingen de vraag hoe om te gaan met een mondelinge opdracht van de arts aan een andere zorgprofessional.
In onderstaande document (link) staat uitgelegd hoe dat werkt, en wat de valkuilen zijn.
Een mondelinge opdracht mag, maar schriftelijk bevestigen (achteraf) heeft altijd de voorkeur.
(Medische) dwanghandelingen in DJI/justitiële setting
Moet je (medische) dwanghandelingen in DJI/ justitiële setting melden aan IGJ?
Ja,
Dat moet gemeld worden bij Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd.
Zie: Melden en aanvragen voor professionals | Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (igj.nl)
Moet je fysiek aanwezig zijn?
Ja,
Ook als de directeur het initiatief heeft genomen. Je komt er dus voor in het gebouw en bewaakt zelf de gezondheidstoestand van de ingeslotene. Maak heldere afspraken hoe lang de dwang duurt en wanneer er geëvalueerd wordt. Delegeer deze taak niet maar houd de verantwoordelijkheid bij jezelf of de arts na jou in de dienst (draag dus actief over).
Ben jij eindverantwoordelijk?
Nee
Een directeur is altijd eindverantwoordelijk voor de ingeslotene. Als arts stem je alle bijzondere medische handelingen (dwang, fixatie) zoveel mogelijk vooraf af met de dienstdoende directeur. Als dat door nood niet kan, informeer de directeur dan z.s.m. achteraf. Denk aan het medisch beroepsgeheim en schend ‘zo min mogelijk’ – geef vooral handelingsinformatie. (Voorbeeld : patiënt kan niet ademen door een overdosis medicatie, er is een spoedinjectie met tegengif gegeven om het leven te redden). Communiceer over wat je aan het doen bent en werk samen met directie van de instelling.
Wat moet je melden bij een dwangmaatregel?
Grofweg zijn er 3 situaties waaronder er dwanghandeling wordt toegepast in een PI. Per situatie wordt uitgelegd wat jij moet melden.
- WGBO noodsituatie.
De patiënt wordt niet wilsbekwaam geacht en er is sprake van een medische noodsituatie (dreigend overlijden of ernstige gezondheidsschade) als er niet onmiddellijk wordt ingegrepen. De arts beslist zelf o.b.v. de WGBO om de handeling toe te passen (denk aan reanimatie, naloxon als antigif bij een opiaat-overdosis etc.) zonder toestemming van de patiënt.
– Informeer de directie van de PI (vooraf als je kan, z.s.m. achteraf als de nood heel hoog was.
– Doe melding van een calamiteit bij de IGJ. De IGJ heeft ook een e-mailadres als je met de standaard formulieren niet uitkomt. - Penitentiaire Beginselen Wet (PBW) artikel 32: medische dwang.
De arts stelt de medische indicatie voor een behandeling (patiënt wilsonbekwaam, arts ziet noodzaak tot behandeling) en geeft dit aan bij de directeur. De directeur van de PI dwingt de ingeslotene o.b.v. artikel 32 PBW vervolgens om de medische handeling te ondergaan. Zo’n handeling vindt dus altijd plaats op initiatief van de arts.
– De arts meldt de dwangbehandeling bij IGJ
– De arts evalueert met de directeur de inzet van dwang in deze situatie - PBW artikel 33: mechanische middelen.
– De directeur neemt (met orde/rust/veiligheid in de instelling als argument) het besluit om de ingeslotene in ‘mechanische middelen’ te leggen (zie nl/richtlijnen-> dwang bij justitie).
– De directeur informeert de arts (direct).
– De arts houdt toezicht op de gezondheidstoestand van ingeslotene en communiceert actief met de directeur, en de
– directeur doet melding bij de relevante inspecties (IVJ : Veiligheid en Justitie, en zo nodig ook IGJ: Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd)