Mijn vader is al jaren bezig met het restaureren van een Citroën Trèfle, een gele driezitter cabriolet gebouwd in 1924. Door zijn kleinkinderen steevast “de boot” genoemd vanwege de puntvormige achterkant.  De auto ademt een sfeer van lang vervlogen tijden. Toch ontmoet ik met regelmaat mensen geboren zelfs nog vóór het “klaverblaadje” van mijn vader werd gebouwd.

In een verzorgingshuis volg ik de zuurstofslang om terecht te komen bij een benauwde man, geboren in 1920. Zijn politiepet, een exemplaar uit de rekwisieten verzameling van het Nationaal Toneel, herinnert aan zijn werkzame leven. Het leven duurt hem te lang en zijn kinderen dringen steeds aan op verdere behandelingen. Hij had tot nu geen moed genoeg om zijn kinderen teleur te stellen en onderging de levensverlengingen keer op keer. Maar nu geeft hij aan dat het genoeg is, het leven is gedaan voor hem, hij wil niet meer.

Dertig kilometer verderop verblijft een dame op een pg afdeling. Ook zij is geboren in 1920. Zij is onfortuinlijk komen te vallen, liggend op de grond in de armen van een liefdevolle verzorgende. Een scheve pols bezorgt haar veel pijn en ze heeft tevens een fors pijnlijke heup. Zij scheldt iedereen in haar omgeving uit voor smeerbeest of erger. Elke beweging doet haar zichtbaar pijn. Haar dochter zit op de rand van het hoog-laag-bed en bekijkt het tafereel met lede ogen. Mevrouw gaat per ambulance naar het ziekenhuis waar haar pols wordt gezet en blijkt dat zij daarnaast nog diverse andere fracturen heeft. Besloten wordt mevrouw niet meer chirurgisch te behandelen en per ambulance terug naar het verpleeghuis te vervoeren. Wanneer ik haar daar voor de tweede maal die dag tref, om de palliatieve fase medicamenteus vorm te geven, ligt zij bijna triomfantelijk in bed. Ogenschijnlijk genietend van de aandacht van haar verzamelde familie zwaait zij vriendelijk tegen mij ter begroeting en vraagt “Bent u ook de dokter?”

De beide situaties geven te denken en markeren begin en eind van een spectrum aan omstandigheden van ouderdom. Zonder een oordeel te vellen dwalen mijn gedachten af naar wijlen Johan Cruijff en ik moet hem nageven dat ook ten aanzien van een lang leven zijn gevleugelde uitspraak weer van toepassing is: “Elk voordeel heb z’n nadeel”.

 

Diederik van Herwijnen – huisarts medTzorg

 

 

Lees of download alle verhalen:

Boekje Meegemaakt voorjaar 2019