Skip to main content
search

Hoe werk je als huisarts met een ECG?

Er zijn veel huisartsenpraktijken waar je als huisarts een ECG kunt laten maken. Maar er zijn ook veel praktijken waar dat niet gebruikelijk is. Volgens de LHV behoort dit ook niet tot het basisaanbod van de huisartsgeneeskundige zorg.

Echter, hoe ga je hiermee om tijdens de ANW-dienst?
Wat als er al een ECG is gemaakt in een instelling op verzoek van een specialist ouderengeneeskunde en je wordt gevraagd om dit te beoordelen tijdens je dienst?
Één van onze huisartsen stond voor dit dilemma en legt dit uit in de volgende casus.

De situatie

De heer X, een 62-jarige man, woont in een kleinschalige woonunit met ernstig lichamelijke gehandicapte bewoners. De heer X heeft een somatische verblijfsindicatie en is rolstoelafhankelijk. In zijn voorgeschiedenis heeft hij een traumatische thoracale dwarslaesie en diabetes mellitus type 2. Er is met hem een actief behandelbeleid afgesproken.

Op de avond waarop deze casus zich afspeelt, hebben twee medTzorg artsen tegelijkertijd dienst in een cluster.
De verpleegkundige van de instelling belt arts A over de heer X. Hij heeft pijn op de borst. Arts A is op dat moment op een andere visite en zegt tegen de verpleegkundige: “Geef hem maar alvast een nitrospay. Ik bel mijn collega arts B, die zal langskomen voor de beoordeling.”
Maar de heer X had eerder in de week ook al klachten van pijn op de borst gehad. De specialist ouderengeneeskunde van de instelling had vanwege deze eerdere klachten de opdracht gegeven om bij nieuwe klachten een ECG te maken. Dat was die avond dus gedaan. Vóór die tijd was er, sinds hij in de kleinschalige woonunit woont, geen ECG bij de heer X gemaakt.

Arts B gaat op visite. Bij aankomst treft zij de heer X in bed. Hij is niet ziek, heeft vage pijn links midden en boven op de borst zonder uitstraling. Hij heeft geen afwijkingen bij controles van pols, saturatie en ademfrequentie. Ook bij de rest van het lichamelijk onderzoek zijn geen afwijkende bevindingen. Pulm: VAG geen bijgeluiden, cor regelmatig, geen souffles. Abdomen: normale peristaltiek, soepele buik, extremiteiten geen bijzonderheden, geen oedeem.

De heer X vertelt dat hij de hele week al pijn op de borst heeft. De pijn verdwijnt vanzelf en komt vaak in de avond. Hij heeft verder normaal gegeten en gedronken en zijn gebruikelijke activiteiten gehad, zoals elke dag in het dagactiviteiten centrum. De man komt echter wel geagiteerd over en op de vraag of hij veel spanningen kent op dit moment, beaamt hij dat onmiddellijk. Hij vertelt heel opgewonden over familieconflicten en zijn zes kinderen waar hij geen contact meer mee heeft.

Acties en behandeling

Arts B bekijkt na dit uitgebreide gesprek het ECG van de heer X en ziet hierop: “mogelijk oud infarct, mogelijk aanwijzingen voor ischaemie/hartfalen, geen rode vlaggen.”
Haar gedachte was: “Een geagiteerde man met vage pijn op de borst die afgezakt leek te zijn. De hele week al deze klachten waar, behalve een afspraak voor een ECG bij nieuwe klachten, niets mee was gedaan. Ook niet eerder nitrospray bijvoorbeeld. En hij is klinisch niet ziek. Ik wil eerst wat rust creëren en dan verder vervolgen. Ik heb toch de komende nacht nog dienst.”

Het afgesproken beleid:

  • Medicatie: een halve oxazepam 5 mg eenmalig.
  • Het effect evalueren.
  • Laagdrempelig opnieuw contact.
  • Bij opnieuw POB: opnieuw nitrospray geven.

Vervolg met klacht

Daarna hoorde arts B niets meer. Totdat enkele weken later blijkt dat een verpleegkundige van de instelling een klacht heeft ingediend. De verpleegkundige geeft onder andere aan dat hij, nadat de patiënt drie dagen later ingestuurd werd naar de cardiologie afdeling, naar het oude ECG heeft gekeken en dat er daarop suggesties waren voor cardiale ischemie (o.a. ST-depressie te zijn in V3 (2mm), V4 (2mm) en V5 (1mm)). Ook kwam vanuit de afdeling cardiologie de vraag waarom de patiënt niet eerder werd ingestuurd.

Al met al een vervelende situatie waarbij arts B met de retrospectroscoop aangeeft dat zij de situatie anders had ingeschat. Een hele herkenbare situatie ook, waarbij je je kunt afvragen: “Ben ik (on)bewust of (on)bekwaam? En hoe ga ik hiermee om?”. Zeker als het geen basisaanbod van huisartsenzorg betreft en niet alle mede-hulpverleners, patiënten en hun naasten hiervan op de hoogte zijn.

Hoe zou jij hiermee omgaan? We horen graag je reactie via expertisecentrum@medtzorg.nl.

Aansluiten bij een intervisiegroep: sparren met collega’s?

We proberen met onze casussen aan te sluiten bij de werkzaamheden van medTzorg-artsen. Deze werkzaamheden kunnen soms verschillen met datgene wat je kent vanuit een reguliere huisartsenpraktijk.

Loop je tijdens je werkzaamheden voor medTzorg tegen medisch inhoudelijke zaken aan en zou je daarover willen sparren met collega’s die mogelijk hetzelfde meemaken? De deur van ons expertisecentrum staat open!

Uiteraard zijn de artsenoverleggen daar een prima plek voor, maar wellicht wil je nog een stapje verder of dieper op zaken ingaan. Bijvoorbeeld door je aan te sluiten bij een intervisiegroep, samengesteld uit medTzorg collega’s. Een aantal van jullie zijn al aangesloten, ook een aantal van jullie zijn recent benaderd of je je bij een intervisiegroep wilt aansluiten. Wist je hier niet van en wil je graag meedoen en meedenken? Laat het ons weten. We horen dan ook graag of je al EKC-er bent. Stuur je reactie naar expertisecentrum@medtzorg.nl onder vermelding van ‘intervisie’.

Print Friendly, PDF & Email
Close Menu